Superhuman Nadenk Saloon - Dag 1

Descartes wordt vet gedissd

Vijf enthousiaste superdenkers van 10 en 11 jaar gaan de komende dagen installaties in het Medialab beleven om er daarna over te filosoferen in de Superhuman Nadenk Saloon. Vandaag was de eerste bijeenkomst en de drie Oculus Rift installaties stonden op het programma: Der Grosse Gottlieb, The Leap Experience en Birdly.

Bij alle drie krijg je een soort van bril op en een koptelefoon en moet je iets fysieks ondernemen om de ervaring mee te maken: bij de één klim je naar de bovenste van een stapel stoelen, neemt daar plaats en waant je hoog in een sprookjesachtige lucht. Bij de ander stap je van tegel naar tegel, of is het van pilaar naar pilaar? En bij de derde lig je op je buik, wappert met je armen en vliegt als een Rode Wouw over stad en bergen. Wat je ziet, hoort, doet en voelt, brengt je voor een moment in een andere werkelijkheid. Virtuele werkelijkheid. En nou ben ik benieuwd: wat is echt, wat je ziet en wat je voelt of dat wat je weet?

Het ondergaan van de ervaringen is opwindend, spannend, grappig en eng en als dat allemaal gedeeld is begint het filosoferen. Er wordt al snel een eerste conclusie getrokken: als je nadenkt weet je dat het niet echt is. Maar is weten dan echter dan voelen? Daar wordt over door gedacht: Wat je voelt is sterker dan wat je denkt. Maar als je voelt denk je ook altijd, dat heeft met elkaar te maken. Maar wat je weet is weer sterker dan wat je voelt. Want je weet: Ik ben hier in het Medialab en dat is het meest echt.

Er wordt een leuk gedachte experiment geopperd: stel dat je wakker wordt met zo’n bril op. Wat denk je dan, wat voel je dan, wat weet je dan? Weet je dan dat het niet echt is? Of denk je dan dat je droomt? De oplossing: je moet dingen voelen (de tafel, de stoel) om te weten waar je bent en of het echt is. Maar: je hebt hersens nodig om te weten wat je voelt. Dus om te weten moet je voelen en om te voelen moet je weten. Het lijkt een onbreekbaar huwelijk.

Ik gooi er wat oude bekenden in: Descartes, met zijn gedachte: Ik denk dus ik ben. Hij was een rationalist; ‘Zijn kan alleen wat ik denk’. Zijn tegendenkers waren empiristen: ‘Zijn kan slechts wat ik waarneem.’ We worden vrolijk van het idee dat die filosofen uit de zeventiende en achttiende eeuw het Medialab zouden bezoeken. Wat zouden ze ervaren? Zouden ze geloven dat het echt is als ze in Birdly over een stad vliegen?

‘In hun tijd als je iets zag, was het er’ wordt er gezegd. Gevolgd door: ‘Ze zouden vet gedissd worden in die flying machine’. Ik vraag me af wat we in onze tijd allemaal kunnen zien wat er niet is. Skype en facetime, wordt er gezegd. Maar je ziet dan toch iemand? ‘Nee, je ziet pixels.’ Maar als je met je oma skypt, skyp je dan met haar of met pixels? ‘Je skypt dan met je oma gemaakt van pixels’. En daarmee is in een alledaagse handeling de grens tussen echt en niet echt fijntjes gedefinieerd.

Als we nog even proberen terug te halen wat we allemaal besproken hebben, komt als conclusie, voor vandaag: Weten is het grootste, het allerbeste, bijna niets is sterker dan weten.

Geschreven door Mariëlle van Sauers